
Ik ben net terug van 5 dagen Oslo. Een leuke en mooie stad met een relaxte sfeer. En een stad vol met trollen. In elke souvenirwinkel zijn ze wel te vinden. In alle soorten en maten. Ik vind ze zelf erg lelijk (en heb er dan ook geen een gekocht :).
In de Noorse mythologie spelen trollen een belangrijke rol. In veel van de Noorse sprookjes en verhalen komen ze voor. En dat verklaart natuurlijk hun prominente aanwezigheid in de souvenirwinkels.
In dit artikel n van deze Noorse sprookjes: Assepasser die de zilveren eenden van de trol stal. Mijn souvenir uit Oslo.
Wist je trouwens dat je spookjes en verhalen ook in je training kunt gebruiken? Ze kunnen heel goed als metafoor dienen. Door het vertellen van een verhaal kun je soms meer duidelijk maken dan wanneer je iets uitlegt. Dus misschien dat dit spookje een inspiratiebron voor jouw training kan zijn.
Assepasser die de zilveren eenden van de trol stal
Er waren eens drie broers die in het kasteel van de koning werkten. De twee oudste broers waren erg lui, maar de jongste broer Assepasser, werkte hard en was daardoor zeer geliefd. Dit maakt de oudste twee broers erg jaloers.
Vlak tegenover het kasteel, aan de andere kant van een groot meer, woonde een trol. De trol bezat zeven zilveren eenden die in het meer rondzwommen. De koning had vaak gezegd dat hij deze eenden graag zou willen hebben.
Op een dag zeiden de oudste twee broers tegen de koning: Onze broer Assepasser heeft gezegd dat hij ervoor kan zorgen dat de eenden in uw bezit komen. Dat liet de koning zich natuurlijk geen twee keer zeggen en hij riep Assepasser bij zich. “Je broers vertellen dat jij me die zilveren eenden kunt verschaffen en nu zul je het doen ook.”
Assepasser wist natuurlijk van niks, maar de koning hield voet bij stuk en dus ging Assepasser met een bootje het meer over. Daar aangekomen strooide hij stukjes brood en lokte daarmee de eenden in zijn bootje. Vervolgens roeide hij zo snel hij kon terug en bracht de eenden naar de koning.
Assepasser was nu nog geliefder. En zijn broers werden nog bozer en jaloerser op hem. Toen bedachten ze iets nieuws. Ze vertelden dat Assepasser ook de trollendeken met de zilveren en gouden ruiten kon halen. En dus moest Assepasser weer met zijn bootje het meer over.
Daar aangekomen zag hij na lang wachten dat de trol de deken buiten hing om te luchten. Toen hij weer binnen was, nam Assepasser zijn kans waar en kaapte de deken mee. Hij roeide zo snel hij kon weer terug en bracht de deken naar de koning.
Nu hield iedereen nog meer van Assepasser. Wat de broers natuurlijk nog bozer maakten. Om zich te wreken verzonnen ze weer wat nieuws en zeiden dat Assepasser ook de gouden harp kon halen. Dit is niet zomaar een harp, want door het geluid van deze harp wordt iedereen vrolijk, ook al ben je nog zo bedroefd.
Toen de koning dit hoorde zei hij tegen de jongen: “Als je dat hebt gezegd, zul je het doen ook. En als het je lukt, dan zul je de prinses en het halve rijk krijgen. Maar als het je niet lukt, zal ik je moeten doden.
En weer stak Assepasser met zijn bootje het meer over. Toen hij daar aankwam zat de trol hem al op te wachten. “Ben jij niet degene, die mijn zilveren eenden heeft gestolen?” brulde de trol. “Ja,” zei Assepasser. “Ben jij ook degene die mijn deken met de zilveren en gouden ruiten heeft meegenomen?” vroeg de trol. “Ja,” zei Assepasser.
Toen pakte de trol Assepasser en zette hem gevangen in de varkenskot. Nadat de dochter van de trol hem tien dagen had vet gemest, was het tijd om hem te slachten. Met een groot lang slagersmes ging de dochter naar hem toe. Maar toen ze de deur van de varkenskot opende, pakte Assepasser het mes uit haar handen en sneed haar hoofd af. Vervolgens kookte hij haar en zette alles op tafel. Hij trok haar kleren aan en ging in een hoekje zitten.
Toen iedereen aan tafel zat zei de trol tegen zijn dochter dat ze ook een stukje moest komen proeven. “Nee,” antwoordde Assepasser. “Ik moet geen eten. Ik ben in zo’n droevige stemming.” Waarop de trol antwoordde: “Neem dan de gouden harp en speel een deuntje. Dat word je weer vrolijk!”
Dat liet hij zich natuurlijk geen tweemaal zeggen. Hij nam de harp en speelde een deuntje. En toen de trol even niet op hem lette, rende hij met de harp naar zijn bootje en roeide hij zo snel hij kon naar de overkant.
Toen hij met de gouden harp op het kasteel aankwam, kreeg hij de koningsdochter en het halve rijk, net als de koning hem had beloofd. En zijn broers? Die bewees hij vele weldaden. Hij meende namelijk dat zijn broers met hun verhalen tegen de koning alleen maar het beste met hem voor hadden gehad. Want het was dankzij hen dat hij nu met de koningsdochter was getrouwd.
Gebruik jij ook wel eens verhalen in je training? Ik hoor graag hoe jij dat doet! Vertel me je verhaal en/of je tips bij ‘reacties’.
photo credit: SpecialKRB