Archief categorie ‘Verhalen’

19.07.11

Het vrolijk leeren

Tijdens mijn zoektocht naar leuke werkvormen voor het Trainersevent, ontdekte ik een gedichtje uit 1778 dat ik graag met je wil delen:

Het vrolijk leeren

Mijn speelen is leeren, mijn leeren is speelen
En waarom zou mij dan het leeren verveelen?
Het lezen en schrijven verschaft mij vermaak.
Mijn hoepel, mijn priktol verruil ik voor boeken;
Ik wil in mijn prenten mijn tijdverdrijf zoeken,
’t Is wijsheid, ’t zijn deugden, naar welken ik haak.

(Uit Kleine gedigten voor kinderen, Hieronymus van Alphen, Utregt 1778)

Zoals je ziet: spelend leren is helemaal niet nieuw!

15.07.11

Als je groot bent, wil je dan niet meer spelen?

Als je groot bent
wil je dan niet meer spelen
of mag het dan niet meer?

Is er een leeftijd waarop iemand je komt vertellen:
‘Vanaf heden is spelen verboden,’ en wie
zou degene zijn die mij dat kwam vertellen?

Toen ik weer de zon in liep, zag ik de buurvrouw
met een gieter achter mijn vader aanrennen.
Het mocht dus nog! Opgelucht

ging ik vissen in de beek. Ik nam mee:
een emmer en een tak met daaraan een touw.
Een haakje had ik niet nodig.

Tjitske Jansen

het moest maar eens gaan sneeuwen
Uitgeverij Podium – Amsterdam
ISBN90 57590166

Met dank aan Petra Meijsen voor de tip!

 

Trainersevent 2011

Wil jij spelend leren een (grotere) plaats geven in je training? Zodat jouw deelnemers met meer plezier nóg beter kunnen oefenen en leren? Kom dan op 30 september naar het Trainersevent 2011 met als thema SPELEN!

18.02.10

Verhaal: De Chinese boer en zijn paard

4042390642 0f8bac4f40 m Verhaal: De Chinese boer en zijn paard

De oude Chinees was arm en zijn enige bezit was een schitterende, zilverwitte schimmel. De dorpelingen praatten al jaren op hem in, dat hij het waardevolle paard moest verkopen omdat hij geen cent te makken had.

Toch weigerde de oude man dat steeds, omdat het paard een deel van zijn familie was. “Die verkoop je niet”, antwoordde hij steevast.

Op een nacht verdween de schimmel ongemerkt uit zijn stal en de dorpelingen zeiden: “Was je maar niet zo dom geweest en had je maar je paard verkocht, nu heb je niets meer, een groter ongeluk had je niet kunnen treffen.

“De oude man bleef kalm en zei: “Wie weet of het een geluk of ongeluk is? Wie kan er verder zien dan zijn neus lang is? Ik weet alleen dat het paard er niet meer is.”

Enkele weken later kondigde de schimmel hinnikend zijn terugkomst aan. Hij kwam niet alleen, want kennelijk was hij uitgebroken om nog twaalf andere, wilde paarden te zoeken en naar de stal te brengen.

De dorpelingen zeiden: “Ouwe, je had helemaal gelijk, het was geen ongeluk maar een geluk dat je paard ervan door ging, want nu ben je rijk en heb je een hele kudde paarden.”

De oude man bleef kalm en zei: “Wie weet of het een geluk of ongeluk is? Wie kan er verder zien dan zijn neus lang is? Ik weet alleen dat ik nu dertien paarden heb.”

Zijn zoon probeerde de wilde paarden te temmen en in te rijden, maar hij viel van een sterke hengst en verbrijzelde bij de val zijn been.

De dorpelingen zeiden: “Je had helemaal gelijk, het is een ongeluk, nu heb je een invalide zoon en een groter ongeluk kon je niet overkomen…”

De oude man bleef kalm en zei: “Wie weet of het een geluk of ongeluk is? Wanneer houden jullie eindelijk op? Wie kan er verder zien dan zijn neus lang is? Ik weet alleen dat mijn zoon een been verbrijzeld heeft – maar of het een ongeluk of geluk is…?”

Korte tijd later brak er een oorlog uit en moesten alle gezonde jonge mannen naar het front, geen enkele van hen keerde levend terug. De enige die niet naar het front hoefde, was de zoon van de ouwe man.

En wat denk je dat de mensen zeiden toen zij de oude man tegenkwamen….?

Bron: Cosima ScheutenNieuwsbrief Bagels & Beans, augustus 2009

cc Verhaal: De Chinese boer en zijn paard photo credit: dobrych

23.01.10

Verhaal: Ik zal het proberen!

2366886 46c305a721 m Verhaal: Ik zal het proberen!

Aan het eind van één van zijn lessen raadt een goeroe zijn studenten aan om drie keer per dag te mediteren. “Drie keer per dag?!” is de reactie van de meeste van zijn studenten. “Zo vaak?!”.

Ze zuchten en zeggen tegen de goeroe dat ze het zullen proberen. De goeroe luistert naar zijn studenten, knikt en loopt weg.

Terwijl hij wegloopt valt het boek dat hij onder zijn arm heeft op de grond. Verstoord draait hij zich om, bukt voorover en reikt naar het boek.

Hij grijpt er echter 10 centimeter naast. Vervolgens doet hij nog een poging, maar hij grijpt weer naast het boek. Keer op keer.

Zijn studenten kijken hem verbijsterd aan. “Probeer jij het eens” vraagt de goeroe op een gegeven moment aan één van zijn studenten. De student loopt naar het boek, buigt voorover en pakt het op.

De goeroe kijkt verontwaardigd naar de student, schudt zijn hoofd en zegt: “Ik vroeg je niet het boek op te pakken, ik vroeg je het te proberen!”.

Bron verhaal: Jan Bot, Verhalen uit de onderstroom.

cc Verhaal: Ik zal het proberen! photo credit: Peg Syverson

25.08.09

Stop eens een trol in je training

3704430077 6a715136d0 m Stop eens een trol in je training

Ik ben net terug van 5 dagen Oslo. Een leuke en mooie stad met een relaxte sfeer. En een stad vol met trollen. In elke souvenirwinkel zijn ze wel te vinden. In alle soorten en maten. Ik vind ze zelf erg lelijk (en heb er dan ook geen een gekocht :).

In de Noorse mythologie spelen trollen een belangrijke rol. In veel van de Noorse sprookjes en verhalen komen ze voor. En dat verklaart natuurlijk hun prominente aanwezigheid in de souvenirwinkels.

In dit artikel n van deze Noorse sprookjes: Assepasser die de zilveren eenden van de trol stal. Mijn souvenir uit Oslo.

Wist je trouwens dat je spookjes en verhalen ook in je training kunt gebruiken? Ze kunnen heel goed als metafoor dienen. Door het vertellen van een verhaal kun je soms meer duidelijk maken dan wanneer je iets uitlegt. Dus misschien dat dit spookje een inspiratiebron voor jouw training kan zijn.

  

Assepasser die de zilveren eenden van de trol stal

Er waren eens drie broers die in het kasteel van de koning werkten. De twee oudste broers waren erg lui, maar de jongste broer Assepasser, werkte hard en was daardoor zeer geliefd. Dit maakt de oudste twee broers erg jaloers.

Vlak tegenover het kasteel, aan de andere kant van een groot meer, woonde een trol. De trol bezat zeven zilveren eenden die in het meer rondzwommen. De koning had vaak gezegd dat hij deze eenden graag zou willen hebben.

Op een dag zeiden de oudste twee broers tegen de koning: Onze broer Assepasser heeft gezegd dat hij ervoor kan zorgen dat de eenden in uw bezit komen. Dat liet de koning zich natuurlijk geen twee keer zeggen en hij riep Assepasser bij zich. “Je broers vertellen dat jij me die zilveren eenden kunt verschaffen en nu zul je het doen ook.”  

Assepasser wist natuurlijk van niks, maar de koning hield voet bij stuk en dus ging Assepasser met een bootje het meer over. Daar aangekomen strooide hij stukjes brood en lokte daarmee de eenden in zijn bootje. Vervolgens roeide hij zo snel hij kon terug en bracht de eenden naar de koning. 

Assepasser was nu nog geliefder. En zijn broers werden nog bozer en jaloerser op hem. Toen bedachten ze iets nieuws. Ze vertelden dat Assepasser ook de trollendeken met de zilveren en gouden ruiten kon halen. En dus moest Assepasser weer met zijn bootje het meer over.

Daar aangekomen zag hij na lang wachten dat de trol de deken buiten hing om te luchten. Toen hij weer binnen was, nam Assepasser zijn kans waar en kaapte de deken mee. Hij roeide zo snel hij kon weer terug en bracht de deken naar de koning.

Nu hield iedereen nog meer van Assepasser. Wat de broers natuurlijk nog bozer maakten. Om zich te wreken verzonnen ze weer wat nieuws en zeiden dat Assepasser ook de gouden harp kon halen. Dit is niet zomaar een harp, want door het geluid van deze harp wordt iedereen vrolijk, ook al ben je nog zo bedroefd.

Toen de koning dit hoorde zei hij tegen de jongen: “Als je dat hebt gezegd, zul je het doen ook. En als het je lukt, dan zul je de prinses en het halve rijk krijgen. Maar als het je niet lukt, zal ik je moeten doden.

En weer stak Assepasser met zijn bootje het meer over. Toen hij daar aankwam zat de trol hem al op te wachten. “Ben jij niet degene, die mijn zilveren eenden heeft gestolen?” brulde de trol. “Ja,” zei Assepasser. “Ben jij ook degene die mijn deken met de zilveren en gouden ruiten heeft meegenomen?” vroeg de trol. “Ja,” zei Assepasser.

Toen pakte de trol Assepasser en zette hem gevangen in de varkenskot. Nadat de dochter van de trol hem tien dagen had vet gemest, was het tijd om hem te slachten. Met een groot lang slagersmes ging de dochter naar hem toe. Maar toen ze de deur van de varkenskot opende, pakte Assepasser het mes uit haar handen en sneed haar hoofd af. Vervolgens kookte hij haar en zette alles op tafel. Hij trok haar kleren aan en ging in een hoekje zitten.

Toen iedereen aan tafel zat zei de trol tegen zijn dochter dat ze ook een stukje moest komen proeven. “Nee,” antwoordde Assepasser. “Ik moet geen eten. Ik ben in zo’n droevige stemming.” Waarop de trol antwoordde:  “Neem dan de gouden harp en speel een deuntje. Dat word je weer vrolijk!”

Dat liet hij zich natuurlijk geen tweemaal zeggen. Hij nam de harp en speelde een deuntje. En toen de trol even niet op hem lette, rende hij met de harp naar zijn bootje en roeide hij zo snel hij kon naar de overkant. 

Toen hij met de gouden harp op het kasteel aankwam, kreeg hij de koningsdochter en het halve rijk, net als de koning hem had beloofd. En zijn broers? Die bewees hij vele weldaden. Hij meende namelijk dat zijn broers met hun verhalen tegen de koning alleen maar het beste met hem voor hadden gehad. Want het was dankzij hen dat hij nu met de koningsdochter was getrouwd.

Gebruik jij ook wel eens verhalen in je training? Ik hoor graag hoe jij dat doet! Vertel me je verhaal en/of je tips bij ‘reacties’.  

cc Stop eens een trol in je training photo credit: SpecialKRB